Rijke Geschiedenis
van onze school

Naamsveranderingen

 Jaren ’70-’80-’90: “Koninklijk  Technisch Atheneum Vilvoorde (KTA)” 

Jaren ’50-’60: “Rijks Instituut Technisch Onderwijs (R.I.T.O.) “

Jaren ’40: een voetbalveld aan ’t mattenkot

PAGINA ONDER CONSTRUCTIE

Vroeger lag er een voetbalveld op de plaats van onze school.

Het onderwijs in Vilvoorde ving tijdens de Franse periode aan met de oprichting van basisscholen in Vilvoorde, Diegem, Machelen-Peutie en Haren. Deze in Vilvoorde werd in 1795 ingericht in de verlaten pastorie. Vanaf 1826 richtte de stad een aantal begijnhofhuisjes in als leslokalen en onderwijzerswoning. 4 Op nationaal vlak werd het gemeentelijk onderwijs tijdens de 19de eeuw gestimuleerd door de wet van Elk gemeentebestuur werd hierdoor verplicht tot de oprichting van een openbare lagere school op hun eigen grondgebied, of de aanname van een bestaande school, zodat kosteloos onderricht kon worden verstrekt aan kinderen die niet betaalkrachtig waren. 5 Op dat moment beschikte Vilvoorde al over een gemeenteschool en een tiental private scholen met in totaal circa 534 leerlingen. 6 In de strijd tegen het analfabetisme werd ook op volwassenenonderwijs ingezet in de vorm van avond- of zondagslessen. Het scholenbezit nam stelselmatig toe in de decennia nadien. Zo werd in 1845 de meisjesschool van de Zusters Karmelietessen aangenomen, die later, in 1904, werd ondergebracht aan de Guldenschaapstraat.

 

Chris Selleslagh (Vilvoorde, 6 november 1954) is Open Vld-politicus en was van 2019 tot 2022 burgemeester van Grimbergen. Hij is sinds 1989 gemeenteraadslid en vanaf 2001 was hij drie legislaturen telkens schepen van Openbare Werken (en ook informatica en land– en tuinbouw). Sinds 1 januari 2007 tot 1 januari 2019 was hij eerste schepen.

Selleslagh studeerde aan het Rijks Instituut Technisch Onderwijs (R.I.T.O.) in Vilvoorde.

Compacte hoogbouw als gezicht van de campus

Zoals de naam doet vermoeden, ligt “campus De Brug” in de schaduw van het druk bereden viaduct over de Willebroekse vaart. Verscholen tussen schuttinggroen ontwaar je een langgerekt, laag expo ’58-paviljoen. De naastgelegen containerklassen verklappen dat ook deze GO!-school kampt met een typisch probleem: plaatsgebrek.

Tot voor kort, want via de selectieproedure Open Oproep heeft de school de gewenste uitbreiding gekregen. HASA-architecten ontwierp een compact, relatief hoog balkvormig volume dat als pendant van het bestaande gebouw op de site post vat. De nieuwbouw in rode baksteen is een opvallend baken langsheen de Vilvoordse Vuurkruisenlaan. Het haalt de school uit zijn verborgen anonimiteit.
Het nieuwe gebouw is meer dan een sculpturaal object, met functionele uitsparingen en grote glaspartijen. Door de overdachte inplanting en de interessante programmatorische invulling van de onderste verdiepingen krijgt de hele site een nieuw elan.

Het beperkte terrein kampt met een hoogteverschil (de bestaande school ligt op een talud) en naast elkaar liggende functies, zoals het schoolgebouw, speelplaats, groenruimte. Samenhang is ver zoek. HASA zet deze moeilijke randvoorden constructief in. De inplanting van de compacte nieuwbouw creëert een nieuw binnenplein, dat het niveauverschil als troef inzet. Het plein rust enerzijds op de helling van het bestaande gebouw en maakt zo een vlotte circulatie tussen beide gebouwen mogelijk. Het lagere deel van de buitenruimte zoekt aansluiting bij de bestaande speelplaats. Een strategische ‘hap’ uit het volume vormt de overdekte speelplaats en loopt naadloos over in de polyvalente ruimte. Deze dubbelhoge ruimte gaat interessante relaties aan met de gemeenschappelijke functies die zich op de onderste twee verdiepingen bevinden. De mogelijkheid om de polyvalente ruimte en het binnenplein onafhankelijk te laten functioneren, zodat deze naschools ingezet kunnen worden, is nog een vernuftige zet van HASA.

De bovenste drie verdiepingen van de uitbreiding bieden ruimte aan een 20-tal klaslokalen. De compacte en economische schikking doet echter geen afbreuk aan de ruimtelijke kwaliteit. Grote raampartijen, inwendige bandvensters, felle kleuren… maken de lokalen tot een luchtig geheel. De boeiende zichten op de boomkruinen en over de daken van Vilvoorde worden een lastige concurrent voor de lesgevers.

In hun wedstrijdvoorstel geven HASA-architecten ook een visie op een mogelijke uitbreiding. Hierbij wordt de bestaande trappenhal strategisch ingezet: zij bedient zowel de nieuwbouw van de eerste fase, als de eventuele uitbreiding.

Expo ’58 leeft in

Campus De Brug

Campus De Brug hield open dag. Die stond in het teken van de Expo ’58. De school huist in een Expo-gebouw.
De gebouwen van de Heizel in 1958 werden op een maquette uitgezet. 
Een van de hoofdgebouwen van het Koninklijk Technisch Atheneum van Vilvoorde is afkomstig van de Expo 58. Door de buizen die over het gebouw spannen, lijkt de hele constructie er aan opgehangen. Het is het voormalige paviljoen van de Burgerlijke Bouwkunde. Op de wereldtentoonstelling stond voor dit gebouw de beroemde betonnen pijl. Die werd in de jaren zeventig opgeblazen om plaats te maken voor Trade Mart.

Renovatie voor Expo ’58 Paviljoen waar school Campus De Brug in huist

Een aantal GO!-scholen in onze regio krijgen een smak geld ter beschikking om extra te investeren in hun gebouwen. Het gaat om Campus De Brug in Vilvoorde, dat huist in een origineel Expo ‘58 paviljoen maar nu aan renovatie toe is, Campus Anderlecht en basisschool De Glinster uit Asse. Het gaat om een grootscheepse investering van het GO! Onderwijs zelf.

De komende vijf jaren investeert het GO! onderwijs van de Vlaamse Gemeenschap 139,5 miljoen euro extra in zijn schoolgebouwen. Daarvan gaat 5,5 miljoen euro naar Campus De Brug in de Vaartstraat in Vilvoorde. “De school huist in een origineel Expo ‘58 Paviljoen van de burgerlijke ingenieurs van Noorwegen”, leggen directeur Dennis Holbrechts en algemeen directeur Kurt Meeus van de GO!-scholengroep uit. “Het is afgebroken in Brussel en in Vilvoorde opnieuw opgebouwd. Het was een revolutionair gebouw voor die tijd met een hangende dakconstructie. Maar na goed zestig jaar is het dak dringend toe aan renovatie.”

Daar is nog geen timing voor bepaald. Wellicht duurt het minstens nog een jaar voor er een steen verlegd wordt. Eerst moet nog bepaald worden hoe er gerenoveerd zal worden. “De vraag is of we de bestaande dakconstructie gaan inkapselen, die metalen draagstructuur behouden of dat we daarrond bouwen. Dat is nu aan de architecten om te beslissen.”

Dominicanencollege te Vilvoorde

Soort archiefvormer : Bedrijf/Instelling

Rubriek : Onderwijs. Scholen. Universiteiten.

Bron : Latijnse Scholen

Periode : 1622-eind 18de eeuw

Vestigingsplaats

  • Vilvoorde

Biografie / geschiedenis

Datering: 1622/1624 (stichting van klooster en college); 19 januari 1771 (toelating om filosofie te doceren); 1791 (melding van langdurige leegstand college); 6 november 1796 (opheffing klooster en college).

Studentenaantallen: 12 (1778); 8 (1779); 12 (1780); 18 (1781); 28 (1782); 29 (1783); 18 (1784); 4 (1785); 4 (1786); gegevens uit: ARA, Koninklijke Commissie der Studiën, nrs. 31A en 31B.

Vooraleer de dominicanen zich te Vilvoorde vestigden, kende de stad al een lange onderwijstraditie. Antoon Du Bois kreeg bij zijn aanstelling op 9 juni 1561 de opdracht om zowel in het Latijn als in het Nederlands te onderwijzen. Deze onderwijsvorm bleef doorheen de 16de eeuw bestaan. Bij de benoeming van Michiel Cools, op 7 december 1602, legde de stadsmagistraat het schoolgeld voor de Latijnse studenten in de figuren en de hogere jaren tot de dialectica vast. Dit traditionele onderwijslandschap onderging grondige wijzigingen met de komst van de predikheren

Het klooster en het college van Vilvoorde werden omstreeks 1622 (of 1623) door toedoen van Filips van Busleyden, burggraaf van Grimbergen, en Petrus Malpaeus, prior van het Brusselse dominicanenklooster, gesticht. Op 3 april 1623 bereikten de predikheren een akkoord met het stadsbestuur. Hun plechtige intrede vond op 1 mei plaats. De officiële toelating van Filips IV volgde op 4 september 1624

Waarschijnlijk gingen de lessen aanvankelijk door in één van de huizen die de predikheren onder andere aan de Langemolenstraat verworven hadden. Ten tijde van vicaris Raymundus van Rossum (1661, 1663) bouwde men een aula vande jonghe weerlijcke studenten van 60 voet lang en studentenkamers. In 1703 braken de paters het oude gebouw aan de Woluwe waar de collegestudenten woonden af en vervingen het door twee nieuwe klassen. Onder het prioraat van P. van Obbergen werd drie jaar later een derde klas met kamer voor de prefect gebouwd

De overeenkomst tussen de stad en de dominicanen vermeldde duidelijk de oprichting van de school en de eisen waaraan die moest voldoen. Het college zou uit vijf klassen bestaan (inclusief retorica), met voor elke klas één leraar. Volgens de kroniekschrijver Petrus de Velder (1723) zouden er in de praktijk echter nooit meer dan drie leraars geweest zijn. In tegenstelling tot de kinderen van binnen de stad dienden de afgesetene schoolgeld te betalen. Bovendien kregen de dominicanen de toestemming om 12 internen te huisvesten. De stad zou zodra aan de voornoemde voorwaarden voldaan was en het aantal scholieren van buiten de stad tussen de 30 en 40 zou bedragen, 200 rijnsgulden uitbetalen. Het stadsbestuur beloofde deze som met nog eens 100 rijnsgulden te verhogen zodra meer dan 100 scholieren van buiten er les zouden volgen. Op 14 februari 1624 verleende de stad de dominicanen het alleenrecht op het onderwijs. Ze dienden zich wel aan de gemaakte afspraken te houden

Al in 1633 kregen de predikheren concurrentie van een door Antoon de Gheyter opgerichte privé-school. Een gelijkaardig initiatief van Willem van Lint volgde in 1651. Beide scholen hielden ruim een kwart eeuw stand. Op 19 januari 1771 bereikte het Vilvoordse convent een akkoord met het provincialaat over het inrichten van cursussen filosofie. Deze lessen hadden voorheen plaats in Leuven. Omstreeks 1777 nam het aantal scholieren echter sterk af en kregen de dominicanen met de concurrentie van het door Pierre de Bavay opgerichte internaat af te rekenen. Deze school was qua opzet niet vergelijkbaar met deze van predikheren. Dit blijkt onder meer uit het leerprogramma dat vakken als rechten, dans, Latijn, muziek, Frans, Nederlands, cosmografie, wiskunde, botanica, mythologie en tekenen vermeldde

Het dominicanencollege diende omwille van een gebrek aan leraars en scholieren enkele jaren vóór 1791 zijn deuren te sluiten. Of er tussen 1791 en de komst van de Fransen nog lessen gegeven werden, is niet duidelijk. In de beginperiode van de Franse bezetting werden de gebouwen als onderkomen voor troepen gebruikt. Het ultieme verdict volgde op 6 november 1796 met de uitdrijving van de paters. Twee dagen eerder hadden deze nog een laatste wanhoopspoging ondernomen om het klooster te redden. In hun protestbrief verwezen ze uitdrukkelijk naar hun onderwijsfunctie. Het mocht niet baten. De gebouwen werden verkocht en deden achtereenvolgens dienst als koffiehuis, ververij, smederij, cementfabriek en mattenvlechterij. Met de vestiging van het Rijksinstituut voor technisch onderwijs heeft het gebouwencomplex opnieuw een deel van zijn oorspronkelijke functie herwonnen. In 1978 werd het voormalige klooster als monument beschermd.

Campus De Brug plukt vruchten van innoverende leermethodes

De B-stroom van Campus De Brug in Vilvoorde is nu reeds helemaal volgelopen voor het volgende schooljaar. De directie stelt de vruchten te plukken van een nieuwe innoverende aanpak.

“Onze maatschappij en vooral ook de arbeidswereld vragen om bekwame, flexibele mensen die initiatief nemen en goed ontwikkelde onderzoekscompetenties bezitten om, liefst zelfstandig, tot een vlotte oplossing te komen”; zegt pedagogisch coördinator Kim Leys. “Laat ons even stil staan bij het beeld dat we hebben van het onderwijs en dan moeten we eerlijk zijn dat dat beeld in de laatste 150 jaar niet echt veel veranderd is. Een klaslokaal blijft een klaslokaal met een groep leerlingen aan banken en de leraar vooraan. Hoe kan zo’n statisch gegeven nog werken in onze huidige , dynamische samenleving die, in tegenstelling tot het klassieke onderwijs dan, enorm veranderd is?”

Daarom koos het GO! Technisch Atheneum Campus De Brug voor onderwijs met flexibele leerwegen. “Concreet gezien wil dit zeggen dat alle algemene vakken zoals Nederlands, Engels, geschiedenis, wiskunde, aardrijkskunde, Frans en natuurwetenschappen samen worden gebracht onder de noemer flexibele leerwegen. De leerlingen zitten in groep, maar ze werken heel vaak zelfstandig. De leerkrachten zijn meer een coach die het overzicht behouden, die hen begeleiden in hun traject en die structuur aanbrengen in hun werk. Bovendien wordt een groep leerlingen altijd begeleid door twee leerkrachten. Co-teaching maakt immers differentiatie binnen de klas mogelijk. Jongeren leren zichzelf inschalen, planningen maken, zichzelf en elkaar evalueren. Ze leren in groep, maar ook zelfstandig werken.”

Directeur Dennis Holbrechts vult aan: “We merken dat leerlingen die meer ondersteuning nodig hebben sneller hulp durven vragen aan de leerkracht. Het hele systeem van flexibele lesuren biedt trouwens ook het voordeel dat leerlingen heel wat uren zelf kunnen indelen. Zo kan een leerling die snel klaar is met Frans bijvoorbeeld meer tijd besteden aan wiskunde wanneer hij of zij hier voor kiest. Bovendien werken we met ingeplande instructiemomenten per vak zodat leerlingen ook nog steeds de nodige houvast krijgen. Toch ook belangrijk om mee te nemen is dat sterke leerlingen zichzelf ook helemaal vinden in het nieuwe systeem. Het is de bedoeling dat zij meer uitdaging krijgen omdat ze meer verdiepingstaken krijgen en minder basisoefeningen.”

Om dit alles mogelijk te maken voorziet Campus De Brug aangepaste, modern uitgeruste lokalen met instructieruimte, ICT-mogelijkheden, reflectiehoek en werkeilanden. “Onze school heeft een brede waaier aan studierichtingen. Dat zorgt er natuurlijk voor dat jongeren met verschillende interesses hier terecht kunnen. Zo kunnen ze bijvoorbeeld kiezen voor STEM, sociaal en technische wetenschappen, economie en beeldende en architecturale kunsten (KSO).”

Bijna helft meer TSO-leerlingen in Campus De Brug

© ddl

Campus De Brug viert dit jaar zijn 160ste verjaardag. Die wordt passend ingezet met een leerlingengroei van 46 procent in de eerste graad.

‘Hoewel in zowat heel Vlaanderen het TSO rake klappen krijgt en last heeft van een dalend aantal leerlingen, is het aantal TSO-leerlingen in onze school de jongste drie jaar verdubbeld’, vertelt directeur Dennis Holbrechts.

‘We bieden onze leerlingen en hun ouders een school aan met klassieke waarden en normen, gekoppeld aan een vernieuwende visie en een warme ontvangst’, zo klinkt het.

‘Die aanpak werpt duidelijk zijn vruchten af.’

De school werkt volgens het Brein Centraal Leren, een specifiek lesprogramma waarbij team- en denkwerk centraal staan. Het Brein Centraal Leren is een nieuwe manier van lesgeven, die volgens Holbrechts een gunstig effect heeft op de resultaten van de leerlingen.

Tot voor kort konden leerlingen in dat programma alleen kiezen voor voetbal of basketbal. Dit jaar breidde de school haar aanbod ook uit met danslessen.

Daarom werd het lerarenkorps versterkt met Belgisch kampioene fitness-aerobic Kathia d‘Hossche.

De voetballers krijgen nu training van Dimitri Delorge.

Campus De Brug plukt vruchten van innoverende leermethodes

De B-stroom van Campus De Brug in Vilvoorde is nu reeds helemaal volgelopen voor het volgende schooljaar. De directie stelt de vruchten te plukken van een nieuwe innoverende aanpak.

“Onze maatschappij en vooral ook de arbeidswereld vragen om bekwame, flexibele mensen die initiatief nemen en goed ontwikkelde onderzoekscompetenties bezitten om, liefst zelfstandig, tot een vlotte oplossing te komen”; zegt pedagogisch coördinator Kim Leys. “Laat ons even stil staan bij het beeld dat we hebben van het onderwijs en dan moeten we eerlijk zijn dat dat beeld in de laatste 150 jaar niet echt veel veranderd is. Een klaslokaal blijft een klaslokaal met een groep leerlingen aan banken en de leraar vooraan. Hoe kan zo’n statisch gegeven nog werken in onze huidige , dynamische samenleving die, in tegenstelling tot het klassieke onderwijs dan, enorm veranderd is?”

Daarom koos het GO! Technisch Atheneum Campus De Brug voor onderwijs met flexibele leerwegen. “Concreet gezien wil dit zeggen dat alle algemene vakken zoals Nederlands, Engels, geschiedenis, wiskunde, aardrijkskunde, Frans en natuurwetenschappen samen worden gebracht onder de noemer flexibele leerwegen. De leerlingen zitten in groep, maar ze werken heel vaak zelfstandig. De leerkrachten zijn meer een coach die het overzicht behouden, die hen begeleiden in hun traject en die structuur aanbrengen in hun werk. Bovendien wordt een groep leerlingen altijd begeleid door twee leerkrachten. Co-teaching maakt immers differentiatie binnen de klas mogelijk. Jongeren leren zichzelf inschalen, planningen maken, zichzelf en elkaar evalueren. Ze leren in groep, maar ook zelfstandig werken.”

Directeur Dennis Holbrechts vult aan: “We merken dat leerlingen die meer ondersteuning nodig hebben sneller hulp durven vragen aan de leerkracht. Het hele systeem van flexibele lesuren biedt trouwens ook het voordeel dat leerlingen heel wat uren zelf kunnen indelen. Zo kan een leerling die snel klaar is met Frans bijvoorbeeld meer tijd besteden aan wiskunde wanneer hij of zij hier voor kiest. Bovendien werken we met ingeplande instructiemomenten per vak zodat leerlingen ook nog steeds de nodige houvast krijgen. Toch ook belangrijk om mee te nemen is dat sterke leerlingen zichzelf ook helemaal vinden in het nieuwe systeem. Het is de bedoeling dat zij meer uitdaging krijgen omdat ze meer verdiepingstaken krijgen en minder basisoefeningen.”

Om dit alles mogelijk te maken voorziet Campus De Brug aangepaste, modern uitgeruste lokalen met instructieruimte, ICT-mogelijkheden, reflectiehoek en werkeilanden. “Onze school heeft een brede waaier aan studierichtingen. Dat zorgt er natuurlijk voor dat jongeren met verschillende interesses hier terecht kunnen. Zo kunnen ze bijvoorbeeld kiezen voor STEM, sociaal en technische wetenschappen, economie en beeldende en architecturale kunsten (KSO).”

De Brugkrant

Twee keer per jaar verschijnt er de Brugkrant.

In dit krantje lees je over alle gebeurtenissen en events van het voorbije semester.

De evolutie van het LOGO van de school

Je als jongere voorbereiden op een job in de veiligheidssector?

Bij Campus De Brug kan je terecht voor de richting Defensie & Veiligheid

Campus De Brug in Vilvoorde is een van de zestien Vlaamse scholen die een samenwerking aangaat met defensie. “Vanaf 1 september 2021 kan je in de derde graad kiezen voor de richting Defensie & Veiligheid. Daarmee breiden we ons aanbod in de veiligheidssector uit”, zegt Kurt Meeus, koepeldirecteur bij SCOOP.

Campus De Brug brengt kunst-onderwijs naar Brusselse rand

Op Campus De Brug wordt vanaf volgend schooljaar een gloednieuwe KSO-afdeling uitgerold. In de rand rond Brussel wordt het de eerste school die kunstsecundair onderwijs aan zal bieden. De inschrijvingen starten na de paasvakantie.

De Vlaamse regering heeft het licht op groen gezet voor Campus De Brug in Vilvoorde om vanaf volgend schooljaar met een KSO-afdeling te starten. De directie was al langer vragende partij om met een kunstsecundaire richting uit te kunnen pakken

In het schooljaar 2017-2018 wordt er vanaf het derde jaar van het secundair onderwijs gestart met de richting Beeldende en Architecturale kunsten. De school houdt duidelijk rekening met het feit dat Vilvoorde een mediastad is, met tal van productiehuizen.